PKN
Protestantse Gemeente Reiderland
 
en het verhaal erachter en het verhaal erachter

Toen we in de bouwvak vakantie in de kerk van Finsterwolde de vorderingen van het renovatiewerk bekeken,konden de catechisanten ook even in de grafkelder kijken. De archeologische dienst had al onderzoek verricht.
Bij eerdere renovaties was de toegang tot de kelder dichtgemetseld,er was een gat in de vloer van de kerk cq. plafond van de grafkelder zodat de jongeren  erin konden kruipen. Overal in de holle ruimte lag puin en zand. Zelfs met een zaklantaarn was er niet veel te zien,maar het gevoel om 300 jaar terug in de tijd te gaan was heel speciaal.
Van grote archeologische waarde is de grafkelder dus niet maar mijn nieuwsgierigheid werd geprikkeld door het tegeltje   en de tekst op de ingang.

  

De tekst is:
Inganck tot de grafkelder obiit Lutgert Ockens den 4 desember 1751 .obiit Hermannus Heddema den 8 april 1763
En op de grafstenen:
Lutgert Ockens,in den jaare 1671 geboren ende den 4 desember 1751 in den Heere ontslapen,rust hier door bestel haars ehemans,den w.e.lhr.H.Heddema,in dese grafkelder,verwachtende met alle geloovigen eene vrolike opstandinge ten eeeuwigen leven
Nu ik,de laatste uit de stam van J.Ockens op aard gesprooten
Ons rey door t sterven heb gesloten
En neffens die te rusten kwam
Zo laat ik aan mijn vrienden t goed
met wensch van Jesus dierbaarheden
Die voor ons kwam zijn bloed besteden
Dat die mij neem in zijn behoed’
Wat mij belangt ,ik vaar geheel
in zoetheid van mijn zielsgedachten
op met alle krachten
te vinden wijze maagden deel

1694 is den weledelen heer Hermannus Heddema geboren tot Delfzijl,trouwde juffer Lutgert Ockens tot Finserwold 1731,leefden in teedere liefde te samen in 21 ste jaar na v..t…en over haar gemis gaf hij..zijn geest in handen van den zaligen here Jesus den 8 april1763 ..en is bij haar in dese grafkelder bijgeset

De heer Hermannus Heddema is geweest de laatste van de stam


Zowel Hermannus als Lutgert zijn dus de laatste uit de stam,wat betekent dat ze enig kind/zoon zijn.
Ze zijn kinderloos gestorven.
Kijkend naar de jaartallen valt u waarschijnlijk ook iets op .
Lutgert is duidelijk ouder dan Hermannus.
Lutgert is geboren’ tot Finserwolt in 1671 en Hermannus ‘tot Delfzijl in 1694.
Dat scheelt 23 jaar!  Daarbij komt dat er staat Juffer Lutgert Okkens .Wat is een juffer?
Wat mij ook trof is het zinnetje; leefden in teedere liefde te samen in 21 jaar …en over haar gemis gaf hij zijn geest .. Hij heeft na haar dood nog  12 jaar geleefd.
Ze zijn 21 jaar getrouwd geweest, ze trouwden te Finsterwolde, op 21-04-1731. Lutgert was toen 59 of 60 jaar en Hermannus in zijn 37ste jaar.
Dus heel wat vragen die om een antwoord roepen,tenminste zo gaat dat bij mij.

Lutgert Ockens is geboren in 1671,ik heb geen doop bewijs gevonden. In de doopboeken van Finsterwolde ontbreken aantekeningen van verschillende jaren,ook het lidmatenboek is niet compleet. De schoolmeester/koster Vincent Gramsbergen  heeft  het óude’ boek wat in deplorabele toestand was, rond 1713 overgeschreven. Niet alles was nog leesbaar omdat,zoals hij schrijft, de muizen eraan gegeten hebben of de inkt vervaagd is.

Wat zeker is :dat Juffer Lutgert Ockens in Finsterwolde woonde in 1729 want volgens het    rouwboek is op 5 maart 1729  overleden” Juffer Okkens oude knecht genaamd Derk,nalatende een zuster

Wat zeker is :dat  Lutgert en Hermannus getrouwd zijn in 1731

Wat zeker is :dat Lutgert is gestorven op  4 december1751

Wat zeker is:dat Lutgert bij testament 1000 caroligulden heeft nagelaten aan de diaconie.

Wat mij bleef intrigeren was de titel Juffer,volgens het woordenboek kan het meerdere betekenissen hebben.
Ik ga voor de uitleg:vrouw van aanzienlijke stand.
Alle vrouwen worden in de doop-,trouw- en rouw boeken aangemerkt als ehevrouw of huisvrouw van,maar Lutgert is Juffer Ockens .
Maar vanwaar komt dan deze titel?
Was haar vader en/of moeder ook van aanzienlijke stand?
Hoe erft zo’n titel over?
De vragen worden almaar meer.

De naamgeving was aan regels gebonden ,de eerste zoon die geboren werd noemde men naar vaders vader,de tweede zoon naar moeders vader.
De eerste dochter naar moeders moeder ,de tweede dochter naar vaders moeder.
Daarna kwamen broers en zussen van de ouders aan de beurt om vernoemd te worden.
Soms werd er afgeweken van deze standaard,als de belangen van vaders kant groter waren werd de eerste dochter naar vaders moeder genoemd.
Bij genealogisch onderzoek is dit gegeven van groot belang.
Hierdoor kon ik ook aannemen dat Lutgert vernoemd was naar vader of moeders moeder,Lutgert komt niet zo vaak voor,alhoewel… in de middeleeuwen was de naam meer algemeen dan in de 17e en 18 e eeuw.
Lutgert heet Ockens van haar achternaam zult u denken,maar Ockens is een patroniem,haar vader heette Ocke.De achternaam van Lutgert is Joling.
Lutgert’s vader J.Ockens is dus genoemd naar zijn vader Ocke ,dit lijkt Ocko Harckens te zijn.
Ocko Harckens is getrouwd met Lutgaert van Finserwold,rond 1635
Zij kregen in ieder geval drie zoons,Jan,Heero en Harcko en ws. nog meer zoons en dochters.
De generatie hiervoor was ook bestuurlijk en in de rechtspraak actief. Ze worden ook als eigenerfden genoemd.
Als ik de lijn goed gevolgd heb,kom ik uit in Midwolda bij de familie Tiddinga ,dit was een aanzienlijke familie in de 16 e eeuw met veel bezittingen,waaronder steenhuizen en landerijen,en uitgebreide bestuurlijke functies.
Daarvandaan kan de aanspreektitel Juffer ontstaan zijn,en doorgegeven  en blijven bestaan in de toch wel kleine gemeenschap van het klei-Oldambt.
Lutgert was enig kind maar haar vader had ook broers zodat de naam Joling tot in deze tijd nog steeds rond Finsterwolde voorkomt.
Waar ze gewoond heeft als kind weet ik niet,toen ze ouder was had ze w.s. knechten en meiden om de boerderij gaande te houden. In 1729 is haar oude knecht Derk overleden.
Ze is lang ongetrouwd gebleven,pas in 1731trouwde ze met Hermannus Heddema.
Dus al die tijd was ze zelf verantwoordelijk voor haar bezit,landerijen en boerderijen,door vererving in haar bezit gekomen .En voor haar personeel.
Ik denk dat ze een sterke,onafhankelijke vrouw was met gezag. Toch moet ze hulp gehad hebben van manlijke familieleden of vertrouwelingen,zeker waar het geldzaken betrof hadden vrouwen veel minder beslissing bevoegdheden.
Finsterwolde zag er natuurlijk niet zo uit als nu.
Enkele ‘dikke’ boeren hadden stenen huizen en houten of stenen schuren,de meeste huizen waren van hout. Tichelwerken waren in de omgeving wel te vinden,toch was een stenen huis relatief duur.
De onverharde wegen veranderden in glijbanen door regenval. Reizen kon per ‘chaisse’ maar beter was het om over het water naar de stad te gaan.
Door boedelbeschrijvingen te lezen kan ik gevoeglijk aannemen dat Lutgert de Groninger dracht heeft gedragen met het  zilveren oorijzer.  Iedere welgestelde  boerin had meiden of een huisnaaister,die op gezette tijden een nieuwe garderobe maakte. Ook klederdracht was aan mode onderhevig .
In het voorhuis stonden tafels en stoelen ,er waren kasten(tresoors) met boeken,de pot werd gekookt op een haardvuur aan een ijzeren haal. Om te eten worden tinnen borden gebruikt,soms zilveren eetlepels . Men drinkt bier uit  tinnen bekers. Spiegels zijn geen uitzondering,maar wel speciaal genoemd. Een spinnenwiel en een naaikorfje met eventueel zilveren schaar en vingerhoed aan een zilveren ketting.,zijn typisch vrouwendingen. Als kleding wordt genoemd,jakken,rokken,buisjes,schorten,onderpanden,mouwen,witte en gekleurde doeken en mutsen voor de vrouwen en kamizolen,rokken,hemdrokken,wamsen(=wambuis) en broeken voor de man .Op de bedden liggen lakens en dekens,soms worden peluws genoemd.
In de kelder stonden vaten met spek en vlees,kaas,room en boter.
Er waren in het achterhuis in de winter koeien,schapen,varkens,kippen en paarden met aanwas. De rest werd gebruikt als opslag voor het stro en hooi,zaad en de schoven die nog gedorst moesten worden. En alle spullen om het land te bewerken en de beesten te verzorgen. Op zolder werd het zaaizaad bewaard.
Er werd gemolken en gekarnd voor eigen gebruik,de moestuin en boomgaard zorgde voor de groente en fruit voorraad.

Waarom Lutgert zo lang alleen gebleven is,daar kan ik alleen maar naar gissen,en hoe ze Hermannus heeft ontmoet is ook niet bekend,wel is het zo dat niet iedereen uit hun omgeving blij was met de verbintenis,sommige weigerden het huwelijkscontract te tekenen zodat het niet van kracht werd.

Hermannus Heddema is in Delfzijl op 26-02-1694 gedoopt, zijn vader was Benno Heddema(1659-1736) en zijn moeder Catharina Wiardi(overl.1713), wiens vader dominee was.
Benno Heddema was zoon van Broer Heddema en Tallechien Severijns ,in dat gezin waren 8 kinderen,ze woonden in Groningen.
Benno Heddema is al op 15jarige leeftijd naar Delfzijl gegaan hij vestigt zich volgens het doopboek als solliciteur,waarschijnlijk heeft hij gewoond bij zijn tante en oom,die rustmeester was onder kapitein Burmania. Zijn broer Severinus heeft ook in Delfzijl gewoond en is later chirurgijn geworden en als  heelmeester verbonden aan het rode weeshuis te Groningen.
Hermannus heeft hetzelfde beroep als zijn vader. Solliciteur is een beroep dat je nu niet meer tegenkomt. Officieel is het solliciteur-militair,in het engels tax-collector. Zijn rang was vaandrig.
Hermannus was als solliciteur in dienst bij Berent(Berndt)Baron Lewe van Aduard ,en Benno  bij de heer overste Bottenius .Iedere hoge officier had zijn eigen solliciteur,soms meerdere.
Een solliciteur is een soort militaire bankier,ze maakten geld vrij voor soldij en de foerage,vervolgens eisten zij dat geld terug van de provincie.
Eerst  geld uitgeven en dan pas ontvangen is een enorm risico,daarom kregen de solliciteurs een soort rente op de leningen. Dat de rente wel eens woekerde  blijkt als er in 1672 werd bepaald dat de interest niet hoger mocht zijn dan 16 stuivers per 100 gulden per maand. Het salaris dat een solliciteur voor zijn werkzaamheden ontving bedroeg evenveel als de soldij voor één man. Als er (veel) geld mee gemoeid is dan is de persoon in kwestie van groot aanzien,je kunt hem eens nodig hebben.. .. De solliciteurs beschikten dus over een enorm sociaal netwerk in de hogere kringen.
Officieren in het leger waren vaak van adel en tijdens rustige maanden in het oorlogsgebied of op verlof werden de officieren door de solliciteur bij de plaatselijke elite geïntroduceerd.
En andersom natuurlijk ook.
Misschien is Hermannus wel zó bij Lutgert terecht gekomen. Het kan ook zijn dat Hermannus uit het leger ontslagen is. Als ontslagpremie werd vaak een stuk land gedoneerd. Stel dat, dat stuk land in Finsterwolde lag en Hermannus na zijn solliciteurschap boer geworden is?
Maar dit zijn alleen gissingen….

Toen Hermannus en Lutgert trouwden,was de kans op kinderen krijgen nihil.
Ze zijn dan ook niet gekomen.
Hermannus had enkel zusters en Lutgert was enig kind.
Toch is de familienaam Heddema doorgegaan omdat een zoon van zus Johanna Heddema en Abel Fockens de naam Benno Heddema (1732-1784)kreeg, meteen al bij zijn geboorte en het bedrijf van zijn oom en tante erfde en voortzette.
Omdat in het doopregister de naam Benno Heddema staat,denk ik dat het kind al voor zijn geboorte bestemd was om de erfgenaam van zijn oom te worden.
Via deze lijn wonen er ook nu nog nazaten in en rond Finsterwolde.

Dit is een deel van wat ik heb ontdekt over de namen op de grafsteen,er is nog wel veel meer te vertellen.
Misschien een volgende keer.


Over het tegeltje is niet zoveel te vertellen.
Het is gemaakt in Delft.
Wel leuk is dat je het nu nog kunt kopen, tweedehands. Je komt het  tegen op internet als Delfsblauwe bijbeltegel voor € 30.-  Er zijn er heel wat van gemaakt en bewaard gebleven.
De voorstelling op het tegeltje is de verbeelding van de opstanding,het graf ligt open ,de steen is weggerold en het figuurtje stelt Jezus voor met een stralend aureool.
Het illustreert de tekst:
“verwachtende met alle geloovigen  eene vrolike opstandinge ten eeuwigen leven”
Toen de grafkelder het tegeltje ingemetseld kreeg kon je het uit een catalogus bestellen en werd het vanuit Delft gebracht,met de bodedienst,of eerst per koets, dan met de beurtschipper en als laatst misschien wel met de Finsterwolmer bode.

Ietje de Graaf

terug
 
 
Komende zondag



27 – 05  09.30 uur Nieuwolda  Cremerstraat
Pastor T. Huizing
Organist: dhr. Dijkhuis 
1e:  Kerkrentmeesterlijk quotum 
2e - Kerk
3e - Diaconie plaatselijk
       
Welkom!
 
BUREN IN DE STREEKGEMEENTE

Klik HIER voor de websites van onze buurgemeenten.
 
Leesrooster
NBG  Bijbelteksten 
 
 
Contact
Voor opmerkingen, vragen
mail  
 
 
Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.